Canon: 01-2019

Integratie mislukt: Canon 01-2019

1. Onze Analyse

CASE DRIVERS VOOR MISLUKKING  

 

 

ONZE OBSERVATIES

GEEN FOCUS OP: ONDER-SCHATTING
VISIE WAARDE

CREATIE

WAARDEBEHOUD CULTUUR TIJD COM-PLEXI-TEIT
CANON – OCÉ  
De overname van Océ door Canon leek in het begin een succes. Na zeven verliesjaren bij Océ grijpt moederbedrijf Canon in. Het personeel maakt zich daar zorgen om.

Bij de transactie: ‘Het heeft 100% autonomie. Ik wil niet eens proberen het beleid van Océ te beïnvloeden. (…) Océ weet beter dan Canon hoe het de eigen business moet runnen. Daar ga ik niet aan tornen.’

Afgelopen december schoof Mitarai zijn landgenoot Minoru (Mick) Asada naar voren als opvolger van Anton Schaaf.

‘We hadden niet genoeg schaalgrootte’. De Japanners versterkten de verkoopmogelijkheden, beschikten over financiële buffers en combineerden hun technologische kennis met een sterk bewustzijn van kwaliteit. Ook leek de ‘clancultuur’ van het voormalige familiebedrijf uit Venlo makkelijk inpasbaar in de gesloten bedrijfscultuur van Canon. De gemeenschap in Noord-Limburg heette Canon welkom, opeens streken rond die tijd ook Japanse spelers neer bij VVV, de plaatselijke voetbalclub.

Wel gingen de kopieermachines voor de kantorenmarkt over naar Canon. Wat resteerde was een kleiner maar gefocust bedrijf voor de professionele printermarkt. Een bedrijf met sterke marktposities.

‘Veel acquisities brengen niet wat er vooraf van verwacht wordt. Maar deze was succesvol’, jubelde hij in 2015. ‘Het voelde direct goed tussen de twee bedrijven. Daarna hebben we het bewijs geleverd.’ Maar binnenskamers klonk ook gemor. De communicatie met de mensen van Canon bleek tijdrovend, kende een grote hoeveelheid vertaalslagen. De besluitvorming was niet altijd even duidelijk. Naast de formele rapportagelijn tussen Venlo en Tokio stelden de Japanners een informele rapportagelijn in. Het Nederlandse governancemodel, met een raad van commissarissen die toezicht houdt op de directie, verdween stilletjes uit de statuten. ‘Een beginnersfout’, analyseert Hans Bax, bestuursvoorzitter van Royal Talens en Bruynzeel-Sakura, die al zo’n drie decennia ervaring heeft met een Japans moederbedrijf. ‘Japanners zijn absoluut niet transparant. Beslissingen gebeuren, een strategie wordt ijzerenheinig uitgevoerd.’

Alleen winst werd er nauwelijks gemaakt, de verkopen liepen juist terug. De markt zat niet op de Océ-innovaties te wachten, was er nog niet klaar voor. De lancering van een nieuwe machine voor de verpakkingsindustrie, de Infinistream, mislukte. In 2017 boekte Canon zo’n €250 mln. Aan goodwill af op zijn dochter. Het wachten was op harde maatregelen. ‘Het is een terugkerende kwaal bij Japanse bedrijven’, analyseert Radboud Molijn van Global Bridges die Nederlandse bedrijven adviseert bij het zakendoen in Japan en vice versa. ‘Bij ingrijpen zijn ze buitengewoon traag. De macht is zo verdund dat niemand zich verantwoordelijk hoeft te voelen.’

     X       X     X Integratiestrategie was het doen van carve-out van de Océ copier business en overdragen naar Canon. Op zich volstrekt logisch bekeken vanuit Canon: je haalt een concurrent uit de markt en kunt over de gehele keten synergie bereiken (zowel business model als operating model).

Echter je moet dan wel een sterk bedrijf overlaten, dus de stranded cost weg managen (zoals een te groot hoofdkantoor). Dat is niet of niet geheel gebeurd. Geen waardebehoud dus.

Vervolgens maakt het printerbedrijf 7 jaar lang verlies. Door cultuurverschillen tussen Japan en Nederland denken de Nederlanders daarmee weg te komen en blijven teveel denken vanuit het grote, innovatieve Océ van vroeger. Als Japan dan ingrijpt is het veel te laat.

Hierin ook een onderschatting van de factor tijd: het leek alsof Japan de printerdivisie veel tijd gaf maar in werkelijkheid was dat niet zo. Echter de cultuur in Japan is er niet één van direct ingrijpen, dat gebeurt pas als het (in hun ogen) te laat is.

Ook in deze case is er een zekere naïviteit te bespeuren in het internationale zakendoen en lijkt Nederland te denken ‘dat er toch niet veel zal veranderen’.

2. De Case: Océ grijpt in bij Canon

De overname van Océ door Canon leek in het begin een geweldig succes. Na zeven verliesjaren bij Océ grijpt moederbedrijf Canon in. Het personeel maakt zich daar zorgen om. Er komt hoog bezoek uit Japan. Op vrijdag 15 oktober 2010 maakte de Japanner Fujio Mitarai, de in 1935 geboren opperbaas van Canon, zijn opwachting in Venlo. Daar bezocht hij zijn pas verworven dochterbedrijf Océ. Op het stadhuis gaf hij burgemeester Bruls een bijzondere leerstoel Business Services Innovation cadeau voor de Venlose campus van de Universiteit van Maastricht.

canon

In de middag deed de Japanner nog een kleine ‘powernap’ in het R&D-centrum van Océ. Daar hadden de Océ’ers een kleine slaapplaats voor hem ingericht. Tegen de avond sprak hij met Het Financiële Dagblad, dat hem vroeg hoe hij zijn nieuwe dochterbedrijf wilde sturen: ‘Het heeft 100% autonomie. Ik wil niet eens proberen het beleid van Océ te beïnvloeden. (…) Océ weet beter dan Canon hoe het de eigen business moet runnen. Daar ga ik niet aan tornen.’

Afgelopen december schoof Mitarai zijn landgenoot Minoru (Mick) Asada naar voren als opvolger van Anton Schaaf, die na twaalf dienstjaren en net voor zijn pensionering de printerfabrikant door de achterdeur moest verlaten. Schaaf had zich al een tijdje niet meer op kantoor vertoond. De medewerkers kregen te horen dat de kosten 10% omlaaggaan en dat mogelijk zo’n driehonderd van de 3500 banen verdwijnen.

Moederbedrijf Canon, dat woensdag zijn jaarcijfers presenteert, vindt het tijd om in te grijpen bij zijn kwakkelende dochter. Later deze week krijgen de Océmedewerkers meer te horen over hoe hun nieuwe bedrijfsleider de zaken wil aanpakken. In zijn nieuwjaarstoespraak, uitgesproken op 14 januari en in handen van het FD, lichtte Asada alvast een tipje van de sluier op. ‘We moeten eerst winst maken, pas daarna kunnen we investeren voor de toekomst.’

Te weinig schaalgrootte

Het voormalige familiebedrijf Océ-van der Grinten groeide na de Tweede Wereldoorlog uit tot een producent van kopieermachines en printers, die in de hele wereld zo’n 22.000 medewerkers telde. Maar in de concurrentie met HP, Xerox en Canon was Océ kwetsbaar. Het kon moeilijk voldoen aan de verwachtingen van de beurs. De financiële crisis van 2008 hielp ook niet mee. ‘We hadden niet genoeg schaalgrootte’, zei toenmalig topman Rokus van Iperen over de noodzaak om in 2009 onderdak te vinden bij Canon. Zelf wilde de Japanse grootmacht minder afhankelijk zijn van fotocamera’s. Het bedrijf zag in de overname van Océ voor €1,5 mrd (inclusief schulden) bovendien een mooie kans om zich in Europa te versterken.

Versterkingsoperatie

De Japanners versterkten de verkoopmogelijkheden, beschikten over financiële buffers en combineerden hun technologische kennis met een sterk bewustzijn van kwaliteit. Ook leek de ‘clancultuur’ van het voormalige familiebedrijf uit Venlo makkelijk inpasbaar in de gesloten bedrijfscultuur van Canon. De gemeenschap in Noord-Limburg heette Canon welkom, opeens streken rond die tijd ook Japanse spelers neer bij VVV, de plaatselijke voetbalclub.

Wel gingen de kopieermachines voor de kantorenmarkt over naar Canon. Wat resteerde was een kleiner maar gefocust bedrijf voor de professionele printermarkt. Een bedrijf met sterke marktposities. In de Japanse pers zinspeelde Mitarai al op de bouw van een nieuwe tonerfabriek in Venlo, een investering van nog eens €100 mln.

Communicatie tijdrovend

Van Iperen werd na de overname beloond met een promotie naar Canon Europe, nooit eerder bereikte een westerling zo’n hoge post bij Canon. ‘Veel acquisities brengen niet wat er vooraf van verwacht wordt. Maar deze was succesvol’, jubelde hij in 2015. ‘Het voelde direct goed tussen de twee bedrijven. Daarna hebben we het bewijs geleverd.’ Maar binnenskamers klonk ook gemor. De communicatie met de mensen van Canon bleek tijdrovend, kende een grote hoeveelheid vertaalslagen. De besluitvorming was niet altijd even duidelijk. Naast de formele rapportagelijn tussen Venlo en Tokio stelden de Japanners een informele rapportagelijn in, zegt een bron tegen het FD. Het Nederlandse governancemodel, met een raad van commissarissen die toezicht houdt op de directie, verdween stilletjes uit de statuten. ‘Een beginnersfout’, analyseert Hans Bax, bestuursvoorzitter van Royal Talens en Bruynzeel-Sakura, die al zo’n drie decennia ervaring heeft met een Japans moederbedrijf. “Japanners zijn absoluut niet transparant. Beslissingen gebeuren, een strategie wordt ijzerenheinig uitgevoerd.”

Reorganisaties mochten wat kosten

Anton Schaaf, die Van Iperen in 2012 opvolgde als CEO, moest het ermee doen. De oud-Siemens-manager werkte al zes jaar bij Océ. Hij had een goede reputatie als saneerder, werd ook in staat geacht om de bedrijfscultuur open te breken en de samenwerking te verbeteren. ‘Het beeld was toch dat Océ als zelfstandige unit verder kon, dat Schaaf de tijd kreeg zich waar te maken’, zegt een betrokkene. ‘Océ moest wel zijn eigen broek ophouden, maar de winsten kon het direct in de eigen R&D steken.’ En niet onbelangrijk op het moment van de integratie met Canon: “Reorganisaties mochten wat kosten.”

Alleen winst werd er nauwelijks gemaakt, de verkopen liepen juist terug. De markt zat niet op de Océ-innovaties te wachten, was er nog niet klaar voor. De lancering van een nieuwe machine voor de verpakkingsindustrie, de Infinistream, mislukte. In 2017 boekte Canon zo’n €250 mln. aan goodwill af op zijn dochter. Het wachten was op harde maatregelen. “Het is een terugkerende kwaal bij Japanse bedrijven”, analyseert Radboud Molijn van Global Bridges die Nederlandse bedrijven adviseert bij het zakendoen in Japan en vice versa. “Bij ingrijpen zijn ze buitengewoon traag. De macht is zo verdund dat niemand zich verantwoordelijk hoeft te voelen.”

Mister Océ met pensioen

Begin 2018 schoof Canon-baas Mitarai, inmiddels over de tachtig, Mick Asada naar voren om een eigen analyse te maken van Océ. Negen maanden later trad dezelfde Asada aan als waarnemend operationeel directeur bij de printerproducent. Rokus van Iperen ging in het voorjaar van 2018 met leeftijdspensioen bij Canon Europe. Van Iperen maakte plaats voor een Japanner. Per e-mail liet ‘Mister Océ’ afgelopen week weten door zijn pensionering niet meer in de positie te zijn om informatie of commentaar te geven over de recente ontwikkelingen bij Océ en Canon. Het was Asada in zijn bedrijfsanalyse niet ontgaan dat zeven van de afgelopen negen jaren verlieslatend waren. Maar nog erger, het schortte na al die jaren aan onderlinge samenwerking. “We moeten voorrang geven aan de belangen van het bedrijf in plaats van verdeeldheid of zelfs persoonlijke belangen”, zei hij tijdens zijn nieuwjaarsspeech. “Ik heb er alle vertrouwen in dat de strategie, technologie, human resources en cultuur van Océ uitstekend zijn”, zei hij ter geruststelling. “Niet alleen ik, maar ook de heer Mitarai, de CEO van de Canon Group, denkt daar hetzelfde over. “Als bewijs hiervan ziet de heer Mitarai de commercial printing business van Océ als een van de vier nieuwe rubrieken die de toekomstige groei van Canon zullen bepalen.

Bron: FD 30-01-2019  Bekijk het originele artikel hier.

Privacy Statement
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.